Werken met co-makers, samen in een bouwteam

Door Dagmar Ebbeling

Het lijkt logisch, het werken in een bouwteam, ofwel het werken met co-makers. Door het vroeg betrekken van de kennis over de uitvoering kunnen dure en lastige onderdelen van het ontwerp al in een eerder stadium besproken worden, waarbij oplossingen gezocht kunnen worden binnen het gewenste beeld. Dit zou moeten resulteren in een project dat esthetisch verantwoord en maakbaar is en wat binnen het gestelde budget te realiseren is. In de praktijk blijkt dit echter niet automatisch de uitkomst van deze vorm van samenwerken te zijn. Welke valkuilen zijn er en welke voorwaarden worden gesteld aan deze manier van samenwerken om het meest optimale resultaat te krijgen?

Voordat de uitvoerende partij aan tafel komt, zullen een aantal zaken vast moeten liggen. Allereerst is het noodzakelijk om de uitgangspunten voor het gewenste beeld helder te krijgen. De wijze waarop, kan samen met de uitvoerende partij bekeken worden, maar het voorlopig ontwerp moet klaar zijn. Daarbij is het zinvol om, bij een grote verandering in het beeld, al in een vooroverleg met welstand het beeld te bespreken.
De mate van ingreep moet ook vast staan, net als het budget en de exploitatieperiode. Zo heeft de uitvoerende partij de juiste kaders om oplossingen en alternatieven te zoeken. Immers de oplossingen voor een bepaald probleem bij een aanpak voor 15 jaar zullen anders zijn dan de oplossingen voor hetzelfde probleem bij een aanpak voor 45 jaar.

Wanneer de uitvoerende partij aan tafel komt, is het belangrijk de taken te verdelen. Wie is verantwoordelijk voor het bouwtechnisch onderzoek, wie maakt de werktekeningen (en wie controleert) en wie beslist uiteindelijk over de te nemen ingreep?
Als een adviseur in de arm wordt genomen, die zowel over de bouwtechniek adviseert als zorgdraagt voor het ontwerp, is het nog belangrijker de taken goed te benoemen. Beide partijen hebben overlappende kennis en wanneer de taken niet goed verdeeld zijn zal dit nadelige gevolgen hebben voor het verloop van het project. Dit maakt echter de rol van beiden niet overbodig. Door het inschakelen van een bouwkundig adviseur worden oplossingen niet alleen vanuit de markt en het uitvoerende proces bekeken, maar zullen ook bewoners en beeld meegenomen worden.
Het verdelen van de taken moet aan het begin van het proces gebeuren, anders bestaat de kans dat de adviseur alleen maar voorstellen blijft maken en de uitvoerende partij hierop reageert. Terwijl het juist de bedoeling is dat de uitvoerende partij oplossingen vanuit de markt aandraagt waarmee het beeld gerealiseerd kan worden.

Vertrouwen
Deze vorm van samenwerken vraagt om een sterke, heldere en eenduidige opdrachtgever. Wanneer de opdrachtgever niet zeker is van de te nemen stappen en ingrepen en niet het volledige vertrouwen heeft in de adviseur is een optimale uitkomst van deze samenwerking onmogelijk.

Door het gebruik maken van de expertise van de uitvoerende partij, kunnen de producten van de markt optimaal worden ingezet. De adviseur kan de uitvoerende partij juist aansporen om buiten de standaard te denken, andere oplossingen te zoeken dan “ ja, maar zo doen we dat altijd”. Tevens kan met deze manier van samenwerken beter worden voldaan aan de vraag, zonder te snel in de techniek te duiken.
Dit kan samen resulteren in innovatieve oplossingen, maatwerkoplossingen binnen een serie, ofwel oplossingen voor de serie van één.